|
|
|
|
||||||
De gamma van een optie geeft aan in welke mate de delta van een optie verandert ten gevolge van de koersverandering van de onderliggende waarde. Bij een delta (of beter: een hedge-ratio) van 0,5 en een gamma van 0,05 zal de delta bij een koersbeweging van een gulden stijgen naar 0,55 of dalen naar 0,45. Het real Gross Domestic Product (GDP) is het zogenoemde reële Bruto Nationaal Product (BNP). Het GDP meet alle goederen en diensten van de Amerikaanse economie over het afgelopen kwartaal gecorrigeerd voor inflatie. Engelse term voor hefboomeffect.Ontstaat wanneer niet alle kooporders op de gedane koers kunnen worden uitgevoerd. Ontstaat wanneer niet alle verkooporders op de gedane koers kunnen worden uitgevoerd. Het schrijven van een optie waarbij de opgenomen verplichting volledig is afgedekt door het bezit van de onderliggende waarde of door een gekochte optie. Beleggingsinstelling die het geld van deelnemers in deposito's en dergelijke belegt.Vanwege de korte looptijd van de deposito's is zo'n beleggingsfonds nauwelijks gevoelig voor rentewijzigingen. Er wordt geen dividend uitgekeerd. Zo'n fonds wordt ook wel groeifonds of liquiditeitenfonds genoemd. Concernvermogen (eigen vermogen plus minderheidsbelangen) plus de korte en lange rentedragende schulden. Opdracht aan bank of commissionair om niet boven een bepaalde prijs te kopen of boven een bepaalde prijs te verkopen. Aantal aandelen aangeboden voor verkoop aan de beleggers. Een hoek op de effectenbeurs waar alleen via de hoekman of hoeklieden kan worden gehandeld. In een fonds dat in een gesloten hoek wordt verhandeld, kan dus niet direct tussen banken en commissionairs onderling worden gehandeld.Winst (verlies) die pas in de toekomst fiscale relevantie krijgt. Aantal aandelen in handen van de beleggers. Beschermingsconstructie bij beursgenoteerde bedrijven. Engelse staatsobligatie. Beoordelingsmaatstaf ontwikkeld door GIM Algemeen Vermogensbeheer, lopend van de hoogste kwaliteit A++, via A+, A, B++, B+ en B naar het laagste oordeel C. De rating geeft diverse financiële verhoudingscijfers weer zoals solvabiliteit (verhouding tussen eigen en vreemd vermogen) en rentabiliteit (winstgevendheid). Tegenovergestelde van chartaal of fysiek. Term die wordt gebruikt in geld- en effectenverkeer. Noch het geld noch de effecten gaan bij verkoop fysiek van hand tot hand. De afwikkeling gebeurt via een elektronisch boekhoudkundig rekeningstelsel dat wordt onderhouden door banken. Het geld en effecten worden via de ene naar de andere rekening overgeboekt. Het niet meer hebben van openstaande posities. Alle openstaande posities zijn geliquideerd. De Engelstalige term is flat of square. Engelse term voor een aandeel dat een publiekslieveling is. Immateriele waarde van het bedrijf. Zo kan bij de overname van een bedrijf door een andere onderneming een bedrag aan goodwill worden betaald boven de intrinsieke waarde van het over te nemen bedrijf. Deze goodwill-betaling berust dan op het feit, dat er een ondernemingspremie (extra winst) mee kan worden behaald door bijvoorbeeld de marktbekendheid, de sterke marktpositie, de goede faam.Uitkering bij de beëindiging van een dienstbetrekking. Obligaties waarvan de rente en aflossing zijn verzekerd. De term wordt gebruikt voor obligaties met een hoge rating. Populaire benaming voor de Amerikaanse dollar. Vanuit het niets opbouwen van een operatie of bedrijf. De mogelijkheid die de syndicaatleider heeft bij een emissie om in een korte periode na de beursgang extra aandelen te plaatsen om een ordentelijk verloop van de namarkt in de desbetreffende aandelen te bewerkstelligen. Als deze aandelen niet terugvloeien naar de syndicaatleider is de greenshoe uitgeoefend. De constructie draagt de naam van de Amerikaanse bedenker. Aandeel van een onderneming, waarvan een krachtige expansie wordt verwacht. Beleggingsfonds dat belegt in projecten die goed zijn voor het milieu en daardoor aanspraak maken op een speciale behandeling door de Belastingdienst. Fiscale vrijstelling waarvan in Nederland wonende particulieren gebruik kunnen maken als zij investeren in fondsen die minimaal 70% van hun vermogen beleggen in door de overheid goedgekeurde, milieuvriendelijke bedrijven en projecten. Growth investor (groeibelegger) Belegger die zoekt naar aandelen met een hoge winstgroei. zie AIW Afkorting van Good-Till-Canceled-orders. Deze gelimiteerde orders zijn gedurende de gehele looptijd van een optie van kracht, totdat ze worden ingetrokken of geroyeerd. Het kopen van aandelen of andere effecten op basis van voorkennis, wat in vele landen verboden is. Jargon op de optiebeurs voor tegoeden die handelaren bij de beurs (clearing) moeten aanhouden als dekking ofwel waarborgsom voor de risico's die zij lopen. Balans en verlies- en winstrekening die bedrijven op de helft van een boekjaar opmaken en publiceren. De meeste genoteerde bedrijven publiceren halfjaarcijfers, een aantal ook kwartaalcijfers. Beursgraadmeter van Hongkong Lange periode van ononderbroken koersstijging. Iemand die effecten koopt in de verwachting van een koersstijging. Methode om effectenportefeuilles te beschermen door futures of opties te kopen of te verkopen.1. Beleggen met geleend geld. De opbrengst van de beleggingen moet dan hoger zijn dan de financieringsrente. 2. Mogelijkheid om met opties te profiteren van een koersbeweging van de onderliggende waarde. CBS-index op basis van de slotkoersen van alle beursgenoteerde Nederlandse aandelen, met uitzondering van aandelen van vastgoedfondsen, beleggings- en houdstermaatschappijen. Obligaties van bedrijven die niet goed betalen, in ruil voor een zeer hoge rente. Vroeger werden deze obligaties 'junk bonds' genoemd, maar die term is na wat schandalen besmet verklaard. Het verkopen tegenover een (gelimiteerde) kooporder in het Limietenboek of ATM. Gedeelte van de beursvloer dat is toegewezen aan de handel in bepaalde fondsen. Wordt tegenwoordig ook wel specialist genoemd. Een hoekman handelt voor eigen rekening en risico in aandelen en obligaties via het TSA-systeem . De hoekman handelt met toegelaten instellingen en heeft de verplichting doorlopend een tweezijdige markt af te geven in de aan hem toegewezen fondsen. De hoekman is als enige toegelaten instelling fysiek aanwezig op de vloer van de AEX-Effectenbeurs. Term, gebruikt voor obligaties die een duidelijk hogere rentecoupon hebben dan het actuele gemiddelde. Maatschappij die uitsluitend aandelen in een andere maatschappij bezit en zelf geen activiteiten onderneemt. Beursterm voor de London Stock Exchange. Beleggingsfondsen die banken voor hun cliënten hebben opgericht. De hurdle rate is een kengetal dat aangeeft vanaf welk verwacht rendement een belegger de kosten van een investering of project terugverdient. Valt de hurdle rate lager uit dan een vooraf bepaalde maatstaf, dan is de investering niet acceptabel. Spaanse beursgraadmeter Internationaal Monetair Fonds. Impliciete beweeglijkheid (implied volatility) De beweeglijkheid die met behulp van een optiewaarderingsmodel kan worden afgeleid uit de marktprijs van een optie. Het is een graadmeter voor de door marktpartijen verwachte beweeglijkheid van de onderliggende waarde gedurende de resterende looptijd van de optie. Markt waar aandelen worden verhandeld die geen officiële notering hebben op de beurs. Men spreekt dan ook van incourante aandelen. Meestal gaat het om aandelen van zeer kleine bedrijven waarin weinig handel is. Ander woord voor afdekken of hedgen. Een belegger dekt zich bijvoorbeeld tegen een bepaald koersrisico in. Koersgemiddelde van een aantal fondsen. Een future op een aandelenindex. Indexfutures worden vooral gebruikt om snel en efficiënt de 'exposure' in een bepaalde markt op te voeren of te verminderen.Een optie op een aandelenindex. Kan bijvoorbeeld worden gebruikt om te anticiperen op een verwachte beweging van de markt als geheel of om gespreid samengestelde aandelenportefeuilles te beschermen tegen de gevolgen van koersdaling. Meervoud van index. Ook wel: indexen. Vermindering van de geldwaarde door een aanhoudende stijging van het prijspeil. Het dekkingsbedrag dat voor een future positie moet worden aangehouden bij het openen van een positie. Aandelen die nog niet zijn uitgegeven. Handelen met voorwetenschap (voorkennis). Instellingen zoals pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen die het onder hun beheer vallende kapitaal beleggen. Een interdealer broker handelt in obligaties en uitsluitend voor rekening van toegelaten instellingen op de AEX-Effectenbeurs. Een interdealer broker mag dus geen posities innemen voor eigen rekening en risico. Tussentijds dividend. Ingreep op de geld- of valutamarkt door één of meer Centrale Banken om de koers van een valuta te steunen. Een call-optie met een uitoefenprijs die lager is dan de koers van de onderliggende waarde of een put-optie met een uitoefenprijs boven de koers van de onderliggende waarde. Een ' in-the-money' optie heeft intrinsieke waarde.Engels begrip om aan te duiden dat een gebeurtenis op een bepaald moment tijdens de daghandel heeft plaatsgevonden. Bij aandelen: Theoretische waarde van een aandeel, gebaseerd op o.a. de werkelijke waarde van de activa, na aftrek van de passiva. Bij opties: Het verschil tussen de koers van de onderliggende waarde en de uitoefenprijs bij een call-optie en het verschil tussen de uitoefenprijs en de koers van de onderliggende waarde bij een put-optie. De intrinsieke waarde geeft aan hoeveel de opbrengst van de optie bij uitoefening bedraagt. De intrinsieke waarde is nooit negatief. Met toestemming van Amsterdam Exchanges ter beurze verhandelen van reeds eerder uitgegeven effecten, deel uitmakend van een nog niet tot de officiële markt of de parallelmarkt toegelaten fonds, onder indiening van een aanvraag tot toelating. Situatie waarin de korte rente hoger is dan de lange rente. Zakenbank die ondernemingen helpt kapitaal aan te trekken tegen zo gunstig mogelijke voorwaarden, veelal door een emissie van aandelen of obligaties. Vennootschap die de afwikkeling verzorgd van transacties in andere dan aandelen- en obligatie-opties. IOCC garandeert jegens kopers van opties de verplichtingen van de verkopers/schrijvers van opties. Initial Public Offering. Beursintroductie. ISIN is de afkorting van International Security Identification Number. De ISIN-code is een internationaal gestandaardiseerde fondsidentificatienummer. Wettelijk verplichte jaarlijkse vergadering van aandeelhouders waarin o.a, het jaarverslag wordt behandeld. Wordt ook wel afgekort als AHV (Aandeelhoudersvergadering). Schriftelijk verslag van een onderneming over de gang van zaken in het afgelopen boekjaar. Meestal wordt daarin ook iets gezegd over de vooruitzichten. Engelse term voor functionaris op de beurs in New York die vergelijkbaar is met een hoekman in Amsterdam.Samenwerkingsverband tussen twee of meer ondernemingen. De samenwerking kan zowel eenmalig zijn als blijvend. Obligaties uitgegeven door kwalitatief minder goede bedrijven die daarom een relatief hoge couponrente hebben. Een uit drie onderdelen bestaande markt: de effectenmarkt, de markt voor onderhandse leningen en de markt voor hypothecaire leningen. Rente op leningen met een relatief lange looptijd. Levensverzekering waarbij het verzekerde bedrag ineens wordt uitgekeerd op een vaste datum of bij overlijden. De waarde van het aandelenkapitaal van een onderneming. Officiële naam van de bank voor effectenhandel in Amsterdam. De bank is bewaarnemer vaoor vele partijen die actief zijn in de effectenhandel en houdt zich bezig met de afwikkeling van geldmarkt- en effectentransacties. Lening met een vaste looptijd van twaalf maanden of kortet. Minimale bedrag is f 1 miljoen. Aandeelhouder kan kiezen tussen een uitkering in contanten of in aandelen. Alle opties (calls en puts) op dezelfde onderliggende waarde. Een tastbaar effect, dat bestaat uit een mantel en een couponblad. Afkorting: K-stuk. Populaire benaming voor aandelen van KLM. Verhouding tussen de koers en de brutowinst, voor afschrijving maar na belasting, van een aandeel. Door aankoop en verkoop de koers in een gewenste richting trachten te sturen. Dit wordt gezien als handelen met voorkennis en is strafbaar. Verhouding tussen de koers en de nettowinst per aandeel. Geldmarktrente. Rente op obligaties, deposito's en dergelijke met een looptijd tot een jaar. Storting voor een lijfrenteverzekering die geheel of gedeeltelijk aftrekbaar is voor de inkomstenbelasting. Obligaties met een coupon- of dividendblad. Ineenstorting van de effectenbeurs door sterk dalende aandelenkoersen. Als dit gebeurt, is er vaak sprake van een neerwaartse spiraal omdat beleggers elkaar volgen. Afkorting van koers-winstverhouding.Jargon voor (obligatie)lening waarvan de couponrente aanzienlijk onder de gemiddelde rente van leningen met dezelfde looptijd ligt. De laagste prijs waartegen bepaalde effecten worden aangeboden. Kapitaalmarktrente. Rente op obligaties en dergelijke met een looptijd langer dan een jaar, waarbij meestal de tienjaarsrente als maatstaf dient. In de Verenigde Staten dertig jaar. Een optie met een looptijd van méér dan een jaar. Op de AEX-Optiebeurs worden opties verhandeld met een maximale looptijd van vijf jaar. Jargon voor en synoniem van aanlappen, ofwel verkopen van effecten. Engelse term voor beursgenoteerde bedrijven met een grote martwaarde ofwel beurswaarde. Vermelding achter een koersnotering die betekent dat tegen die koers geen transacties konden worden gedaan. Het aanbod is groter dan de vraag. Een Amerikaanse index van 12 economische factoren die een aanduiding geven over de gang van zaken in de nabije toekomst. Bank die door de debiteur voor een grote lening is benaderd en die andere banken tracht te vinden die ook een deel van de lening willen verstrekken (participeren). Hij is leider van de managing underwriters. London Inter Bank Offered Rate. Kortlopende depositorente die in de Londense interbankmarkt wordt aangeboden. Afkorting van London International Financial Futures Exchanges, de beurs voor financiële termijnhandel in Europa. Het kopen tegenover een (gelimiteerde) verkooporder in het Limietenboek of ATM.Hoogste koers waartegen men nog wil kopen of laagste prijs waartegen men nog wil verkopen. Orderboek voor de meest actieve aandelen ('Top-30'). Een order waarbij een bepaalde prijslimiet wordt opgegeven. De belegger wil minimaal de limietprijs ontvangen (bij een verkooporder) of maximaal de limietprijs betalen (bij een kooporder). Obligatie waarbij de rente in aandelen wordt uitgekeerd. Een markt waarin gemakkelijk gehandeld kan worden, waar altijd veel vraag en aanbod is. 1. In het bedrijfseconomisch toezicht: de liquide middelen (kasgeld en dergelijke) waarover een bank beschikt om aan haar betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. 2. In het monetaire beleid: de mate waarin het bankwezen aan zijn minimumreserveverplichtingen kan voldoen. 3. Op kapitaalmarkten: de mate waarin waardepapieren direct verhandelbaar zijn zonder dat grote prijseffecten optreden. Ter beschikking staande geldmiddelen. Beleggingsinstelling die het geld van deelnemers in kortlopende deposito's en dergelijke belegt. Vanwege de korte looptijd is de gevoeligheid voor rentewijzigingen gering. Zo'n Beleggingsfonds wordt ook wel een geldmarktfonds genoemd. De ING Bank Lirics (Limited Risk Certificates) zijn beursgenoteerde certificaten die u in staat stellen te profiteren van koersstijgingen op de Amsterdamse, Europese of Amerikaanse beurs, terwijl bij dalende koersen het belegd vermogen wordt beschermd. Aandelen die alleen op de beurs van het land waar hun hoofdkantoor is gevestigd zijn genoteerd. Aanduiding voor dat deel van de beurs waar vooral aandelen van wat kleinere ondernemingen worden verhandeld. Ander woord voor een kooppositie. Deze positie ontstaat door een openingsaankoop van een optie of een future. De geldigheidsduur van een optie- of huurcontract. Gedurende de looptijd kunnen openstaande posities door een sluitingstransactie worden gesloten of, bij Amerikaanse stijlopties, worden uitgeoefend. Nauwelijks meer gebruikte methode om te bepalen welke (delen van) obligaties worden afgelost. Tegenwoordig worden obligatieshouders in gelijke procentuele delen afgelost. |
||||||||
|
|